Dennis en Marianne werden op het Stadhuis in Naarden gehuldigd.
Dennis en Marianne werden op het Stadhuis in Naarden gehuldigd. (Foto: © Bob Awick )

IJsklimduo 'beter laat dan nooit' in zonnetje gezet voor topprestaties

NAARDEN Ze vergelijken zichzelf met het Jamaicaanse bobsleeteam. Ze zijn net zo'n vreemde eend in de bijt op het wereldtoneel van het ijsklimmen. Want wat heb je daar voor nodig? Bergen en ijs. Twee elementen die we in Nederland nergens kunnen combineren. Hoe het ook zij, het klimmen in bomen en door het ijs zakken blijken -in ieder geval voor Marianne- vormend te zijn geweest voor haar sportcarrière.

Sportwethouder Alexander Luijten bleek al net zo weinig van ijsklimmen te weten als menig ander Nederlander. Toch is hij ontzettend trots op de twee toppers uit Muiden. Hij sprak over een bijzondere prestatie. "Het is voor de vijfde keer op rij dat jullie allebei Nederlands kampioen zijn geworden. Vandaar de huldiging. Beter laat dan nooit", voegde hij daar aan toe.

Geen bevroren watervallen
Het klimduo vertelt in het Stadhuis van Naarden dat ze uit alle macht proberen om het ijsklimmen ook in Nederland meer op de kaart te zetten. Geen gemakkelijke taak gezien het gebrek aan bevroren watervallen en gletsjers; het ijsklimterrein. Gelukkig is er wel een droge, artificiële ijsklimwand van twaalf meter verticaal omhoog in Utrecht. Daar is het mogelijk om te trainen en om wedstrijden te klimmen onder gecontroleerde omstandigheden. Vijf keer is het Nederlands kampioen daar georganiseerd, vijf keer wonnen ze.

Wereldtoneel
Dat landelijke verhaal telt eigenlijk niet als je ook bedenkt dat ze op het wereldtoneel meedoen. Ze staan altijd in de finale van de Worldcup en Dennis heeft deze prijs al een keer gewonnen. Ze gaan de hele wereld over om hun sport te beoefenen. De sport is groot in Rusland en Korea. Ze rijden zelf graag met de auto naar de Alpen om daar te trainen. Volgende week staat er een elitewedstrijd in Canada op het programma en daarna vliegen ze door naar Finland voor de Europacup.

Tekst gaat verder onder de foto.

Vertrouwen
Marianne: "Dennis en ik klimmen al tien jaar samen en wij vertrouwen elkaar compleet. Ik train nu twee keer per dag; denk aan hardlopen, flexibiliteit- en krachttraining. En ik ben in de klimhal of op de wand aan het oefenen. Daarnaast organiseren we evenementen en clinics om het ijsklimmen te promoten. Ik geef lezingen en ben ook binnenkort bij Z@ppSport te zien. Het is hierdoor dat ik mij sinds dit jaar voor het eerst echt professioneel ijsklimmer kan noemen en er financieel rond van kan komen."

Gevaarlijk
Waar Dennis en Mariannne tegenaan lopen is dat mensen de sport niet kennen en onbekend maakt onbemind.
"Mensen denken dat het ontzettend gevaarlijk is, maar wij weten precies waar wij mee bezig zijn. Wij zijn ook een goed team, één persoon moet de ander zekeren. We hebben heel veel ervaring en daar draait het voor een groot gedeelte om bij ijsklimmen. Het is een ervaringssport waar we voorlopig -zij is 35, hij 32 jaar- nog wel mee door kunnen gaan."

Technische sport
IJsklimmen blijkt een hele technische sport te zijn. "Ik vergelijk het met een wiskundige formule die je moet zien op te lossen. Dat oplossen is steeds technischer en is echt verslavend", lacht ze. "Het gaat om zoveel factoren die moeten kloppen; hoe is de conditie van het ijs, welke techniek gebruik ik, hoe zit het met de tijd, hoe fit ben je zelf en hoe lawinegevaarlijk is de situatie? Het is een complexe puzzel." Dennis heeft het op zich genomen om zijn eigen klimmateriaal te ontwerpen om op die manier optimaal te kunnen presteren.

Tekst gaat verder onder de foto.


Ongekende hoogtes
Het ijslimmen brengt ze letterlijk tot ongekende hoogtes; vaak wel 500 meter boven de grond aan een wand die 100 procent stijl omhoog loopt en uit ijs en rotsen bestaat. Soms slapen ze zelfs in tentjes die ze bevestigen aan de wand. Daar op grote hoogte zijn ze compleet in hun element. Ze hangen aan hun touw, hebben stijgijzers onder hun schoenen en slaan doeltreffend hun ijsblijlen in een bevroren waterval, op naar de top. Er zijn maar weinig Nederlanders de ze in dit na kunnen doen.

Meer berichten